Jaren voordat magneetvissen hier in Nederland en België een rage werd, visten arme Indiase kinderen al op munten om financieel bij te dragen aan het gezin.

Rohit, een jongen van 10 jaar, is er daar één van. Hij gaat een maand lang niet naar school. Elke dag van zonsopgang tot zonsondergang is hij aan de oever van de rivier in de oost-Indiase deelstaat Bihar aan het vissen naar munten.

 

 

Rohit is niet de enige. Honderden jongens verzamelen munten die door bezoekers en toegewijden in de rivier worden gegooid tijdens de jaarlijkse Sonepur-markt. De Sonepur-markt is de grootste veemarkt van Azië.
Gewapend met magnetische ringen vastgebonden aan kleurrijke touwen, is hij elke dag van 05:00 tot 17:00 uur aan het werk. Een maand lang mist hij school.
“Ik vis elke dag ongeveer tussen de 100 en de 110 roepies (1,25 a 1,35 euro) op. Mijn moeder is hier heel blij mee”, zegt Rohit.

Voor een neodymium magneet is geen geld. De magneten zijn afkomstig van onder andere oude magnetrons.

Zijn vader is een dagloner die een vergelijkbaar bedrag verdient op de dagen dat hij werk kan vinden. Van vast werk is geen sprake. Soms is er geen inkomen. Het extra inkomen van de jonge magneetvisser is daarom hard nodig.

Rohit ging twee jaar geleden voor het eerst naar de oever van de rivier nadat hij elke ochtend jongens naar de oever van de rivier zag gaan met hun vislijnen.
“Ik was nieuwsgierig, dus op een dag ging ik met hen mee en leerde ik de kneepjes van het vak”, vertelt hij.
Hij leende 10 roepies (13 eurocent) van zijn moeder en beloofde om ’s avonds het dubbele van het geld terug te geven. En ja, dat lukte hem.

 

Toewijding en eerbied

Aan het begin van de Sonepur veemarkt, baden honderdduizenden Hindoe toegewijden aan de samenvloeiing van de rivieren Gandak en Ganges in Sonepur, in het district Saran, 35 km ten noorden van de hoofdstad, Patna.
De gelovigen gooien munten in de rivier als een teken van hun toewijding en eerbied.

Zodra er een munt in het water wordt gegooid, gooien de jongetjes hun magneten in dezelfde richting, net zoals de vissers hun netten in zee werpen.

“Ik verzamel over het algemeen 150 roepies (1,89 euro) per dag en meestal koopt mijn familie eten met dit geld,” zegt Rakesh, een andere magneetvisser.
Rakesh’s vader, Suresh Rai, runt een klein theehuis op het marktterrein en heeft een grote familie van negen leden.

Rakesh en zijn broer Bittu komen elke ochtend bij het krieken van de dag naar de oever van de rivier en vertrekken pas om 17.00 uur.

“Mijn touw heeft slechts een enkele magneet die niet erg effectief is, ik zal binnenkort een grotere kopen zodat ik meer munten kan verzamelen,” zegt Rakesh.

 

 

 

Slopendearmoede

Zijn vriend Krishna, die ook munten verzamelt ter waarde van 100 – 150 roepies per dag, zegt dat hun werk niet gemakkelijk is.
“Ik breng bijna 10 uur per dag door aan de oever van de rivier, met mijn ogen gericht op de munten die in het water worden gegooid. Soms krijg ik ze, soms verlies ik van andere vrienden”, zegt hij terwijl hij een munt toont die hij net uit het water heeft gevist.

Krishna zegt dat hij een deel van het geld dat hij verdient houdt “om wat snoep te kopen op de markt”.

Wanneer de Sonepur-markt begint, kun je hier honderden jonge muntenverzamelaars zien. Deze jonge magneetvissers gebruiken verschillende magneetgroottes en verschillende kleuren touw, maar één ding hebben ze gemeen: hun slopende armoede.

De slopende armoede in de regio is de belangrijkste reden waarom jonge jongens magneetvissers worden.